Lijnen van gelijk HW en LW op de Waddenzee


Download de kaartjes met getijdengegevens (pdf:1 Mb )  ...>>

gelijk_HW_Harlingen gelijk_LW_Harlingen
Gelijk_HW_Delfzijl Gelijk_LW_Delfzijl

LAT_tov_NAP


 

kaart 1 Kaart isokentering opkomend tij westelijk Wad          kaart 2  Kaart isokentering opkomend tij oostelijk Wad

kaart 3 Kaart isokentering afgaand tij westelijk Wad               kaart 4  Kaart isokentering afgaand tij oostelijk Wad

Voor gecombineerde stroomrichting en -sterkte en droogvallen en onderlopen platen zie gifanimatie in stappen van 1 uur   en pdfbestand met kaarten met stappen van 30 minuten


Uitleg

Het Wad wordt bij opkomend tij via de zeegaten met water gevuld. De hoogwaterlijn begint bij Noorderhaaks en loopt dan langs de Noordzeekusten van de eilanden naar het oosten en bereikt Borkum ca 3,5 uur later. De tijdverschillen tussen de meetpunten langs de kust bij Texel, Terschelling, de Wierumer Gronden, Huibertgat, Südstrand Borkum en Norderney laten zien dat dit met een redelijk constante snelheid plaatsvindt. Hetzelfde proces treedt op bij afgaand tij; ook dan begint de laagwaterlijn bij Noorderhaaks en verplaatst zich in ca 3 uur van west naar oost.


Aan de hand van de tijdstippen van hoogwater resp laagwater bij de meetpunten is te bepalen wat de tijdstippen van hoog- en laagwater zijn bij de zeegaten en bij de mondingen van de hoofdgeulen die het Wad op gaan. Het stroomgebied per zeegat heet een komberging en wordt begrensd door de wantijen waar de stromingen van de opeenvolgende stroomgebieden elkaar ontmoeten. Zo is terug te rekenen wanneer het hoog- resp laagwater bij Noorderhaaks is en is die tijd als nulpunt en referentiepunt genomen voor alle andere punten op het Wad en langs de noordzeekust. Door die hoogwatertijdstippen te combineren met de hoogwatertijdstippen bij de diverse havens is het gemiddelde hoogwaterverloop in de geulen per komberging te berekenen en kunnen er lijnen getrokken worden tussen de punten waar op hetzelfde moment de kentering bij hoogwater is; de zgn. isokenteringlijnen. Op eenzelfde manier zijn de tijdstippen voor laagwater te bepalen.
Een gegeven is ook dat het water dat bij opkomend tij van de ene komberging naar het oosten stroomt, stuit op het opkomend water van de buurkomberging dat naar het westen stroomt. Beide stromingen komen daar per definitie op hetzelfde tijdstip aan en vormen daar het wantij tussen beide kombergingen. Omdat daar de stroming laag tot nihil is valt daar het fijnste bezinksel is het wantij het ondiepst. Bij afgaand tij valt het wantij als eerste droog. Aan de hand van deze uitgangspunten is het mogelijk om in te schatten op welke tijdstippen het hoog- resp laagwater is op verschillende plekken langs de geulen.


In vier kaarten wordt een schatting gegeven van de relatieve tijdstippen ten opzichte van het moment dat het hoogwater (kaart 1 en 2), resp. laagwater (kaart 3 en 4) is bij de Razende Bol (Noorderhaaks). Op de kaarten wordt weergegeven waar de hoog- en laagwaterlijnen liggen na elke 10 minuten na tijdstip 0 bij de Razende Bol.

Hoe de kaartjes te gebruiken
De uitleg voor het gebruik kan het beste aan de hand van een voorbeeld .  Stel dat je bent drooggevallen op de plaat ten oosten van Texel in de buurt van het lijntje waarbij 120minuten genoteerd staat (de 120-isolijnen) en je wilt weten hoe laat je het hoog- en laagwater kunt verwachten. Hiervoor nemen we de beide kaarten van het westelijk Wad (kaart  1 en 3). Rondom liggen 3 meetpunten: Oudeschild, Den Oever en Kornwerderzand en iets verder weg ook nog Den Helder en Harlingen. In principe doet het er niet toe welk van de meetpunten je neemt. Hoogwater komt in Kornwerderzand gemiddeld 149 minuten later dan in Noorderhaaks, dus mag je op de 120-hoogwaterisolijn het hoogwater  149-120 = 29 minuten eerder verwachten dan voor Kornwerderzand is voorspeld. Het is dan hoogwater ongeveer 149 - 120 = 29 minuten eerder dan in Kornwerderzand en ongeveer 105 minuten (120 - 15) later dan in Den Helder, de twee meetpunten die daar het dichtste bij liggen. Laagwater is op de 120-laagwaterisolijn op de plaat te verwachten ca 153 - 120 = 33 minuten eerder dan in Kornwerderzand. Is het bijvoorbeeld in Kornwerderzand om 12.00 uur hoogwater, dan is dat al om 11.31 al op de plaat bij de 120lijn geweest. Had je Oudeschild als meetpunt (90 minuten later dan Noorderhaaks) genomen dan komt hoogwater op de 120lijn 120 - 90 = 30 minuten later dan Oudeschild. Het is gemiddeld 149 - 90 = 59 minuten eerder hoogwater in Oudeschild dan bij Kornwerderzand. Dus als het om 12.00 uur hoogwater is in Kornwerderzand dan is dat gemiddeld het geval om 11.01 bij Oudeschild en kom je ook in vergelijking met Oudeschild op 11.31 uit voor hoogwater op de 120lijn. Hoewel het er niet toe doet welk meetpunt je kiest, moet je altijd rekening houden met een afwijking in de orde van15 minuten als gevolg van de variatie in de voorspellingen zelf en variatie tussen voorspelde en feitelijke hoogwatertijden.